Mensenrechten volgens de Amsterdam Law School

door | 24 september 2021

Het pleidooi in De Groene van 5.12.2019, van Duyvendak (UvA) en De Waal (Amsterdam Law School) voor een positieve discriminatie van de culturele gevoeligheden van minderheden, valt op door de aanname dat allochtone minderheden een vanzelfsprekend recht zouden hebben op de culturele inschikkelijkheid van de autochtone meerderheid. De (praktische) sociale plicht tot culturele inschikkelijkheid van de nieuwkomer wordt in twijfel getrokken: “De vraag is of van burgers mag worden geëist dat zij volledig assimileren met dezelfde meerderheidscultuur”. Zo’n vraag heet een ‘leidende vraag’ en is in dit geval een misleidende vraag. In Nederland zuilenland bestond van oudsher geen uniforme meerderheidscultuur. En van allochtone immigranten werd noch wordt verlangd dat zij zich conformeren aan de restanten van deze of gene zuil. Van de KOZP-ers (agressieve naam nietwaar) wordt ook niet verlangd dat zij mee doen met ons grootste autochtone kinderfeest maar dat zij zich onthouden van acties die dat feest verstoren: Demonstreren is een recht, het verpesten van andermans feest (het KOZP specialisme) is dat niet en hoort dat ook niet te worden. Als Duyvendak en De Waal Zwarte Piet verboden willen zien, moeten ze dat eerlijk zeggen in plaats van verhullend te filosoferen over de relaties tussen meerderheids- en minderheidsculturen. In feite presenteren zij de ontrechting van de autochtone meerderheid als de juiste invulling van de mensenrechten voor een allochtone minderheid. Voor zo’n kromme manier van denken moet je inderdaad terecht bij de UvA aan de Amsterdam Law School.